Onmacht, boosheid en een gevoel van onveiligheid. Dat zijn drie termen die vaak de lading dekken wanneer het gaat over de impact bij slachtoffers van online criminaliteit. Ik heb het helaas van dichtbij mogen meemaken. Enkele jaren geleden is mijn vader – destijds 80 jaar – het slachtoffer geworden van een online roversbende. Hij trapte in de online babbeltruck van de ‘bitcoinadvertenties’, die destijds volop in het nieuws waren. In deze advertenties werden beeltenissen gebruikt van bekende Nederlanders zoals Jort Kelder en John de Mol, zonder dat zij daarvoor toestemming hadden gegeven. Een en ander heeft ook tot rechtszaken geleid tegen Google, die veel geld verdienden aan het laten zien van deze advertenties. Maar daar gaat dit artikel niet over.

Mijn vader dacht meer te lezen en te leren over Bitcoin. Hij vond dat interessant en het feit dat Jort Kelder daar iets over zei (zonder dat dit dus echt was), stemde hem gerust. Mijn vader had niet in de gaten dat er oplichters actief waren. Het zag er in zijn ogen immers allemaal erg betrouwbaar uit. Om een lang verhaal kort te maken, hij belandde in de klauwen van deze online criminelen die hem al zijn spaarcenten afnamen. Op bijgaande foto doet hij emotioneel zijn verhaal bij RTL. Ik heb zijn gezicht om privacy redenen geblurd, maar ik vond het heel stoer van hem dat hij dit deed. Immers, zeker bij slachtoffers van online cybercriminaliteit heerst vaak – ten onrechte – schaamte over wat hen is overkomen.

De impact van zoiets op iemand van deze leeftijd is schrijnend. Mijn vader was in zijn werkzame leven brandweerman en brandweerduiker van beroep. Hij ging brandende gebouwen in om mensen te redden en trok zijn duikpak aan om mensen die in het water waren geraakt, uit hun auto te bevrijden. Een stoere vent dus. En nu? Slachtoffer. Slachtoffer van gemene, nietsontziende criminelen die ouderen onbeschrijflijk leed bezorgen. Weg oudedagsvoorziening. Weg spaarpotje. Weg vertrouwen. Weg zelfredzaamheid.

Ik heb er veel met hem over gesproken, hij kon maar niet geloven dat het geld echt weg was en hoopte dat de bank er nog iets aan kon doen. En hij vroeg zich voortdurend af hoe dat nou had kunnen gebeuren. Een jaar lang ontving hij nog telefoontjes van de criminelen en ging hij tegen ze in en werd hij weer boos. Hij kon zich simpelweg niet voorstellen dat mensen zo intens gemeen konden zijn tegen een ouder iemand.

Dagelijks nieuwe slachtoffers cybercrime

We zijn nu ruim zes jaar verder, maar de wond is nog. Ik merk het aan hem, de boosheid en het verdriet is er nog steeds. Hij is helaas lang niet de enige en dagelijks komen er slachtoffers van online criminaliteit bij. Dit is voor mij en vele andere partijen een belangrijke motivatie om ons te blijven inzetten voor een veiliger digitale samenleving.